“Dan doe ik het wel.”

Wat er gebeurde toen niemand het aandurfde, en omgang tóch mogelijk werd

Omgang na uithuisplaatsing: waarom dit zo vaak stokt

Omgang na uithuisplaatsing is vaak ingewikkeld, traag en beladen. In deze casus ging het om twee jonge kinderen die vijf maanden lang geen contact hadden met hun vader. De moeder was verslaafd, de vader had geen gezag, en het gezin raakte volledig uit balans.
Terwijl iedereen het beste wilde, durfde niemand de stap naar herstel te zetten — tot ik als onafhankelijk cliëntondersteuner werd ingeschakeld.

Van pleeggezin naar gezinshuis: gedrag als reden tot afstand

De kinderen verbleven aanvankelijk in een pleeggezin. Daar ontstond onrustig, boos en ontregeld gedrag. Al snel werd dat gelinkt aan de vader:
➡️ “Sinds contact met hem weer speelde, ging het mis.”

De pleegouders konden het niet aan. De kinderen verhuisden naar een gezinshuis mét behandeling. En tóch kwam omgang opnieuw niet van de grond.

Toen ik werd ingeschakeld als onafhankelijk cliëntondersteuner, was er iets opmerkelijks aan de hand:
Iedereen wilde het beste voor de kinderen. Maar niemand durfde het aan.

De rechter vond ondersteuning noodzakelijk voor de vader.

Advocaat Michiel Krijger zei: Ik weet wel iemand. Op dat punt werd ik betrokken als onafhankelijk cliëntondersteuner. De jeugdbeschermer wilde omgang opstarten. Maar het team stond op de rem. Het gezinshuis wilde het niet meteen toezeggen. Ik opperde voorzichtig of er al wel eens aan FAS syndroom is gedacht.. gedesorganiseerde hechting. Er zou ook nog een zedenonderzoek lopen. (Niet gelinkt aan vader). Diagnostiek was lastig op deze leeftijd.. Maar hoe begin je met diagnostiek? Signaleren. Niet vermijden. 

Begeleide omgang was onmogelijk toe te zeggen, wachtlijsten.. gebrek aan capaciteit.

Niemand durfde het aan — totdat ik het zelf aanbood

Toen stelde ik één eenvoudige vraag:
🗣️ “Wat leren deze kinderen als hun vader stilzwijgend uit beeld verdwijnt?”

En ik deed wat nodig was:
Ik bood aan de omgang zélf te organiseren — op locatie, realistisch, zorgvuldig.
En pas toen kon het wél.

De jeugdbeschermer kreeg groen licht en begeleidde het eerste contactmoment zelf.

De omgang was positief — en daarna begon het echte werk

De kinderen straalden. Er was herkenning, ontspanning.
Maar in de dagen na de ontmoeting kwam er onrust: slaapproblemen, boosheid, angst dat ze weer weken moesten wachten.

Tijdens de evaluatie kwam het voorstel: omgang terugschroeven naar 1x per 6 weken.
“Teveel ontregeling.”

Maar ik wist:
Dit is hechtingspijn. Geen bewijs dat het misgaat, maar dat het iets raakt.
Omgang met moeder moet er ook komen, dus des te belangrijker om dit als een kans te zien om meer informatie te verkrijgen. Dat is uiteindelijk toch echt nodig, om de juiste interventies in te schatten.

Samen kwamen we tot een nieuw plan

Omgang om de 3 weken
Gewoon in het gezinshuis
Ondersteund met spelinterventies die gericht zijn op de hechting bevorderen, zoals lichaamsgerichte oefeningen tussen ouder en kind of theraplay.
Direct vaste evaluatiemomenten na 2 omgangsmomenten gericht op gedrag én betekenis. Is omgang afschalen nódig? Of kan investering juist een rustpunt bieden. 

De jeugdbeschermer zei na afloop iets wat me raakte:
🗣️ “Ik wil het zo snel mogelijk normaal maken. Geen aparte constructie meer — gewoon waar ze wonen.”

Een prachtig uitgangspunt.
Maar het kwam pas ná de ervaring, niet vooraf.

En vader?

Hij stuurde geen boze mails. Dat wilde hij wel, maar alles liep via mij. Men denkt soms dat ik ouders de gewenste antwoorden geef. Maar de ouders die ik begeleid zullen beamen dat het eerder harde lessen zijn. Wat niet realistisch is, geef ik je zo snel mogelijk terug. Ik kan echter wel toegeven dat het systeem een zooitje is, en dit super oneerlijk is. Maar daar kon deze jeugdbeschermer ook niets aan doen. Haar collega had het niet handig aangepakt.. en stapte uit de casus.

Hij wilde al tien keer reageren — maar hield zich stil, beschikbaar, afwachtend.
Zodat de ruimte ontstond waar het om draaide:
de kinderen weer in contact met hun ouder laten zijn. 
Hij liet mij het contact doen met de hulpverleners, zodat hij gewoon vader kon zijn. Met pijn. 

Wat we hiervan kunnen leren

In de jeugdzorg draait het niet altijd om de vraag of iets veilig is. Kinderen in bewezen onveilige situaties worden soms net zo goed blootgesteld.

Het echte probleem is dat er te weinig gedacht wordt in mogelijkheden, scenario’s en betekenis.
Te vaak wordt gedrag gescheiden van context. Onrust van hechting. Informatie van inzicht.

Maar zelfs waar veiligheid nog niet voelbaar is, wil je weten:
Wat gebeurt hier? Wat vertelt het gedrag? Wat kunnen we leren als we durven vertragen én verdragen?

Je hoeft niet alles te voorkomen. Je kunt niet alles dichttimmeren.
Maar je hebt wel informatie nodig — ook als die rauw is.
Want informatie is óók informatie.

En soms begint beweging gewoon met iemand die zegt:
“Dan doe ik het wel.”


Samen bouwen aan betere jeugdzorg

Dit verhaal laat zien hoe belangrijk het is om voorbij protocollen te denken.
Om elkaar als professionals te blijven bevragen.
Om ouders, kinderen én systemen serieus te nemen in hun complexiteit.

Het roept ons op om met meer moed, ruimte en samenwerking te werken aan een jeugdzorgsysteem dat niet vastloopt, maar beweegt.

Wij hopen dat deze ervaring een bron van inspiratie mag zijn voor ouders, hulpverleners en beleidsmakers.
💬 Laten we samen bouwen aan een systeem dat kinderen en ouders echt ondersteunt — juist wanneer het ingewikkeld wordt.

#ouderondersteuning #traumasensitiefwerken #hechting #pleegzorg #veiligheidsplanning #jeugdzorgverbindend #systeemdoorbrekendwerken #ouderverstotingvoorkomen #vertragingisookactie

Heb jij meer een soortgelijke situatie te maken en zou je advies willen? Je kunt altijd contact met mij opnemen!
Www.clarity-coaching.nl

Vergeet ons ook niet te volgen op de socials: Volg ons op Instagram & LinkedIn